Bővebb ismertető
isschop Ottokár Prohászka schreef in 1912 het voorwoord voor de monografie over Székesfehérvár, die samengesteld werd door de wetenschapper Gyula Lauschmann, die de geschiedenis van de stad onderzocht. Hier", zo schreef hij, vestigde het Hongaarse volk zich op de zandbanken tussen het riet en samen met het volk vestigde zich ook dichtkunst en kunst, godsvrucht en verlangen, vreugde en rouw; hier werden basilieken en kerken, bastions en grafmonumenten gebouwd. Slechts een paar stenen zijn hiervan voor het nageslacht bewaard gebleven, maar diegene, die in zijn fantasie deze stenen tot kerkportalen, grafmonumenten en muren van bewerkte witte steen optrekt en die uit de brokstukken weer de hele schoonheid kan reconstrueren, diegene zal schitterende kunst aanschouwen en kan trots verklaren, dat dit geen droom, maar de realiteit van de oude Hongaarse cultuur was." Helaas duurde het bijna tachtig jaar, voordat het boek van Gyula Lauschmann met daarin het voorwoord van bisschop Prohászka verscheen! Székesfehérvár staat er nog steeds niet om bekend, dat het zich goed kan verkopen en vandaar dat er ook nu nog maar weinig mensen de geschiedenis van de voormalige kroningsstad kennen. Het is jammer voor de stad en zijn inwoners, maar ook jammer voor al die anderen, want de binnenstad, die steeds een nieuwe aanblik biedt met zijn monumenten van zeldzame schoonheid, met zijn harmonisch stadsbeeld, met zijn vele tentoonstellingen in musea en galerieén en niet op de laatste plaats de industrie en economie, die zich in het laatste decennium in een ongelooflijk tempó ontwikkeld hebben, wekken met recht het interesse op van de nabije en verre wereld, zowel van onze landgenoten als van buitenlandse toeristen.