Bővebb ismertető
Dr. JAC. P. THIJSSE
(25 Juli 1865 — 8 Januari 1945)
I
n een gesprek met één onzer jongeren — nu ook allang weer niet zo heel jong meer — Hat ik mij eens ontvallen: „Thijsse . Thijsse is een Reus!"
Vele jaren daama zei deze „jongere": „Ik heb mij de laatste tijd in-tensief beziggehouden met Thijsse's leven en werken, en hoe meer ik mij daarin verdiep, hoe meer ik onder de indruk kom van zijn persoonlijkheid en arbeid. Ik ben het met u eens. Thijsse is een Reus!" De invloed, welke deze uiterst merkwaardige Nederlander gedurende zijn lang vruchtdragend leven op zijn tijdgenoten heeft gehad en on-getwijfeld nog zeer lang op het nageslacht zal blijven hebben, is moei-lijk hoog genoeg te schatten. Zijn werk heeft duizenden landgenoten de ogen geopend voor het schone en aantrekkelijke in de levende na-tuur en daardoor hun leven zeer wezenlijk verrijkt. Thijsse was een lieveling der Coden. In zijn wieg had hij vele ge-schenken van hoofd en hart meegekregen, die hem later in Staat zouden stellen te midden van gunstige omstandigheden zieh op te werken tot de zeer bijzondere persoonlijkheid, die hij werd. Hij had een zeer helder verstand, wat hij zelf zo typisch op eigen bescheiden wijze uitdrukte: „Ik kon makkelijk leren." Niet alleen kon hij „mak-kelijk leren", hij kon ook „makkelijk werken", want wat hij ook deed — en hij heeft veel gedaan — ging hem makkelijk af, kostte hem geen inspanning, vermoeide hem niet. In zijn werk leefde hij. Thijsse was in zijn arbeid minder een arbeider dan wel een genieter; in zijn Studie minder een geleerde dan wel een belever. Zijn gehele leven en werken was een genieten en beleven; in arbeid en Studie voelde hij zieh mens. Wat hij ook aanpakte, het ging vlot van Stapel, als van zelf, ontwellende aan een steeds rijkelijk vloeiende inwendige bron van levensdrang. En al zijn levensuitingen waren bijzonder, geheel eigen. Als hij een lezing hield, dan was dat altijd een unieke lezing, een lezing zoals alleen Thijsse die kon houden, vol van eigen uit-drukkingen, beeiden en originele beschouwingen. Ook zijn stijl was geheel eigen en maakte school. Brokstukken uit zijn geschriften versehenen in leerboekjes voor de middelbare Scholen als voorbeelden van goede stijl en heldere beschrijving. De invloed van deze geheel eigen stijl en betoogtrant valt bij vele van zijn medewerkers en navolgers duidelijk op te merken. Ik heb er gekend, die bij zijn lezingen de oren spitsten, aantekeningen maakten, en hem